In sectoren als techniek, logistiek, bouw, zorg en horeca is een team met vier of vijf moedertalen inmiddels normaal. Dat werkt in de praktijk vaak prima, tot het moment waarop het misgaat. En als het misgaat, is de oorzaak zelden onwil maar bijna altijd een instructie die anders is begrepen dan hij bedoeld was.

De kosten staan nergens apart

Er is geen post op de balans die taalproblemen heet. De kosten verschijnen ergens anders: een order die opnieuw moet, een levering naar het verkeerde adres, een klacht die pas in de derde ronde helder wordt, of een medewerker die afhaakt omdat hij niet meedoet in het teamoverleg.

Wat werkgevers wel merken, is het verloop. Iemand die zich op de werkvloer niet verstaanbaar kan maken, bouwt geen band op met collega's en vertrekt eerder. In een arbeidsmarkt waarin vervanging maanden kost, is dat de duurste post van allemaal.

Veiligheid is geen kwestie van nuance

Bij werk met machines, chemicalien of verkeer verandert het karakter van het probleem. Daar is een half begrepen instructie geen ongemak maar een risico. Toolboxmeetings in het Nederlands waarbij een deel van de ploeg knikt zonder mee te komen, geven een vals gevoel van zekerheid.

De praktische maatregel is simpel en wordt te weinig genomen: laat iemand de instructie in eigen woorden herhalen. Dat kost dertig seconden en legt direct bloot waar het begrip ophoudt.

Wat wel werkt

  • Begin bij de vaktaal. De woordenschat die op een specifieke werkvloer rondgaat, is beperkt. Twee- tot driehonderd termen dekken het merendeel van de communicatie.
  • Train in de werksituatie. Een algemene taalcursus levert minder op dan oefenen met de gesprekken die er dagelijks zijn: een dienstoverdracht, een klantgesprek, een storingsmelding.
  • Doe het in werktijd. Training in de avond na een volle dag wordt niet volgehouden. Werkgevers die de uren betalen, zien aanzienlijk minder uitval.
  • Reken op maanden, niet op weken. Van functioneel naar comfortabel duurt bij de meeste mensen zes tot twaalf maanden bij wekelijkse begeleiding.

Aanbieders die zich op dit segment richten, zoals Speak And Spoke, werken daarom incompany en met materiaal uit de organisatie zelf in plaats van met een standaardmethode.

Cultuur zit onder de taal

Een deel van wat als taalprobleem wordt gezien, is een verschil in gewoonten. Hoe direct mag kritiek zijn. Betekent knikken instemming of beleefdheid. Meld je een probleem meteen of wacht je tot je een oplossing hebt. Wie alleen aan de woordenschat werkt, lost dat deel niet op.

Trainingen die taal en interculturele communicatie combineren, zoals beschreven op speakandspoke.nl, pakken beide kanten tegelijk aan. Dat is duurder per uur en scheelt in de praktijk het aantal rondes.

Waar te beginnen

Voor een ondernemer met een gemengd team is de goedkoopste eerste stap een half uur inventariseren: bij welke drie momenten in de week gaat het het vaakst mis. Dat lijstje bepaalt of het om woordenschat gaat, om spreekdurf of om afspraken die nooit expliciet zijn gemaakt. Pas daarna is de vraag aan de orde welke training erbij past.